Pulsatilla Pratensis (Wildemanskruid)

Pulsatilla Pratensis (Wildemanskruid)

De naam Pulsatilla komt van het Latijnse ‘pulsare’ (kloppen), omdat de bloemen door de wind op en neer slaan.

Waar groeit de Pulsatilla Pratensis?
Wildemanskruid (ook wel Windbloem of Paasanemoon genoemd) is inheems van Midden- en Oost-Europa tot aan Siberië en is een beschermde plant. Hij groeit het liefst in de zon op kalkhoudende, zanderige, schrale grond. Vroeger kwam de plant in Nederland voor langs de Oude IJssel en de Gelderse IJssel. Inmiddels is hij helemaal uit ons land verdwenen.

Eigenschappen van de Pulsatilla Pratensis:
Tijdens de bloei (mei t/m juni) wordt wildemanskruid bezocht door hommels en bijen, die voor bestuiving zorgen. Zijn de bloemen bevrucht, dan vormt zich in de bloembodem een nootachtig vruchtje omgeven door zijdeachtige lange haren. De wind zorgt voor verspreiding van de zaden.
Pulsatilla Pratensis staat in de homeopathische geneeskunde bekend om zijn gunstige eigenschappen bij o.a. emotionele klachten, stemmingswisselingen en vrouwenklachten.

Homeopathische toepassing van de Pulsatilla Pratensis:
De gehele verse plant wordt verwerkt in homeopathische middelen.