Ledum Palustre (Moerasrozemarijn)

Ledum Palustre (Moerasrozemarijn)

Palustre stamt uit het Latijn en betekent ‘moeras’. Dit duidt op de vochtige groeiplaats van de plant.
De verzamelnaam Ledum stamt van het Griekse woord lédos, lédon (wolstof) en verwijst naar de wolachtige of viltachtige onderzijde van de bladeren.

Waar groeit Ledum Palustre?
In Noord-Europa, Noord- en Midden- Azië, het meest in hoog- en middenvenen. Ook verkiest de plant een standplaats in de halfschaduw. De plant bloeit van mei tot juni.

Eigenschappen van de Ledum Palustre:
Ledum Palustre is een vertakte struik met een hoogte tot 150 cm. De bladeren zijn lancetvormig en opgerold aan de randen. De onderzijde van de bladeren zijn rood gekleurd en hebben een viltachtige laag. De bloesems zijn wit tot rozerood en staan in druifvormige schermen. De vrucht is eivormig als hangende capsule. De verse plant heeft een kruidachtige geur, die bij het drogen volledig verdwijnt. De plant is giftig.
In de homeopathische geneeskunde staat Ledum Palustre bekend als bestanddeel dat wordt toegepast bij kleine puntvormige verwondingen, veroorzaakt door bijvoorbeeld naalden, spijkers en insectenbeten (vooral indien gevolgd door een allergische reactie). Daarnaast wordt het in de homeopathische geneeskunde bij gewricht- en spierreuma toegepast.

Homeopathische toepassing van de Ledum Palustre:
De jonge scheuten van de Ledum Palustre worden verwerkt in homeopathische middelen.