Diabetes

Diabetes

Diabetes, suikerziekte, is de meest voorkomende chronische aandoening in Nederland. Als je diabetes hebt kan je lichaam de bloedsuikerspiegel niet meer zelf op peil houden. Patiënten hebben vaak een afwijkende vetstofwisseling en hoge bloeddruk.

Er bestaan meerdere soorten diabetes. Sommige gevallen van diabetes (waaronder type 2) zijn te voorkomen door bijvoorbeeld niet te roken, overgewicht te vermijden en gezond te eten en te bewegen.

Diabetes type 2

De meest voorkomende soort is diabetes type 2: negen van de tien mensen met diabetes hebben dit type. Zij hebben te weinig insuline in het lichaam en reageren daar ook niet meer goed op.

Het is niet precies bekend waardoor diabetes ontstaat. Mensen krijgen eerder diabetes type 2 als het in de familie zit, als ze te zwaar zijn en als ze weinig bewegen. Maar er zijn ook mensen die altijd gezond leven en toch diabetes type 2 krijgen.

Diabetes type 2 is te herkennen aan de volgende klachten:

  • dorst, veel plassen
  • moeheid
  • last van ogen: branderig, wazig of dubbel zien
  • slecht genezende wondjes
  • infecties die vaak terugkomen, zoals blaasontsteking

Diabetes type 1

Bij diabetes type 1 raakt het afweersysteem uit evenwicht en vernielt het de cellen die insuline aanmaken. Mensen met diabetes type 1 moeten elke dag bloedsuiker meten, insuline spuiten of een pompje dragen. Ze kunnen geen hap eten zonder te berekenen hoeveel insuline ervoor nodig is.

Diabetes type 1 wordt meestal snel ontdekt. Iemand met diabetes type 1 drinkt heel veel, valt af en voelt zich in korte tijd zo ziek dat een snelle medische behandeling noodzakelijk is. 

Bij diabetes type 1 zijn meest voorkomende klachten:

  • dorst, veel plassen
  • afvallen zonder aanwijsbare reden
  • ziek en beroerd voelen
  • veel honger hebben, of juist helemaal niet
  • wazig zien
  • misselijkheid of overgeven

Zwangerschapsdiabetes

Zwangerschapsdiabetes is een tijdelijke soort diabetes, die meteen over gaat na de bevalling. Vrouwen kunnen het krijgen vanaf de 24e week van de zwangerschap.

Als je zwanger bent, maakt je lichaam andere hormonen aan. Die hormonen zorgen ervoor dat het lichaam tijdelijk minder goed reageert op insuline, het hormoon dat de bloedsuiker regelt. Tijdens een normale zwangerschap maakt het lichaam extra insuline aan om de bloedsuiker goed te houden. Maar bij zwangerschapsdiabetes gebeurt dat niet (genoeg). Daardoor blijft er te veel suiker in het bloed zitten. Vrouwen met zwangerschapsdiabetes krijgen meestal het advies om minder koolhydraten en vetten te eten. Als de bloedsuikerspiegel toch te hoog blijft, moet je tijdelijk insuline spuiten.

Als je vermoedt dat je diabetes hebt, is het zaak om snel een arts te bezoeken. Het is belangrijk dat je snel medicijnen krijgt om je bloedsuiker te verlagen. Wanneer je bloedsuiker echt heel hoog is, kun je flink ziek zijn, flauwvallen of zelfs in coma raken. Ook kunnen bloedvaten en zenuwen beschadigd raken.

Dit is geen zelfzorgindicatie. Raadpleeg bij twijfel altijd een medisch deskundige.